Er zijn veel verschillende soorten koi, elk met hun eigen kleuren, patronen en kenmerken. Bekende koivariëteiten zijn Kohaku, Sanke, Showa, Asagi en Ogon. Zo herken je een Kohaku aan zijn witte basis met rode patronen, terwijl een Sanke daarnaast zwarte vlekken heeft. De Japanse namen lijken soms ingewikkeld, maar vertellen vaak veel over het uiterlijk van een koi. In dit artikel ontdek je welke koivariëteiten er zijn, hoe je ze herkent en wat benamingen zoals Doitsu, Ginrin en Tancho betekenen.
Wat is het verschil tussen koisoorten en koivariëteiten?
Met verschillende koisoorten bedoelen we meestal verschillende variëteiten van de sierkarper. Het gaat om gekweekte verschillen in uiterlijk, zoals kleur, patroon en beschubbing. Daarom gebruiken koiliefhebbers en kwekers de term variëteiten.
Een koinaam kan meerdere kenmerken tegelijk beschrijven. Bij een Ginrin Kohaku vertelt Kohaku iets over het kleurpatroon en Ginrin over de glinsterende schubben. Door die onderdelen afzonderlijk te begrijpen, kun je ook langere namen gemakkelijker herkennen.
Ben je op zoek naar koi? Bekijk hier een deel van onze koi voorraad!
Welke verschillende soorten koi zijn er?
Koi komen voor in uiteenlopende kleuren en patronen, van effen bruin tot wit met rode en zwarte tekeningen. Onderstaande variëteiten en groepen vormen een goed vertrekpunt om de verschillen te leren herkennen.
Kohaku
Patroon / kleuren: Witte basiskleur met rode patronen, zonder zwarte tekening.
De Kohaku valt op door het heldere contrast tussen wit en rood. Het rode patroon kan uit één doorlopende tekening bestaan of verdeeld zijn over meerdere vlakken. Daardoor kunnen twee Kohaku er heel verschillend uitzien. Vooral de kleurkwaliteit en de verdeling van het patroon bepalen de uitstraling van deze koi.
Sanke
Patroon / kleuren: Witte basiskleur met rode patronen en afzonderlijke zwarte vlekken.
De Sanke combineert een wit-rood patroon met zwarte accenten op het lichaam. De volledige naam is Taisho Sanshoku. Bij het klassieke patroon blijft de kop vrij van zwart, terwijl de zwarte vlekken over het lichaam verspreid liggen. De verhouding tussen de drie kleuren geeft iedere Sanke een eigen uitstraling.
Showa
Patroon / kleuren: Zwarte basis met rode en witte patronen, waarbij zwart ook op de kop kan voorkomen.
De Showa heeft een opvallende tekening waarin zwart, rood en wit samenkomen. De volledige naam is Showa Sanshoku. Het zwart vormt vaak grotere vlakken die over de kop en flanken lopen. Sommige Showa zijn overwegend donker, terwijl andere juist veel wit laten zien.
Utsurimono
Patroon / kleuren: Zwarte basiskleur met witte, rode of gele patronen.
Utsurimono is een groep tweekleurige koi met uitgesproken contrasten. De tweede kleur bepaalt de naam: Shiro Utsuri is zwart-wit, Hi Utsuri zwart-rood en Ki Utsuri zwart-geel. Het zwarte patroon loopt vaak door over de kop en de zijkanten van het lichaam.
Bekko
Patroon / kleuren: Witte, rode of gele basiskleur met zwarte vlekken.
De Bekko herken je aan de afzonderlijke zwarte vlekken op een verder eenkleurige ondergrond. Een witte Bekko heet Shiro Bekko, een rode Aka Bekko en een gele Ki Bekko. De zwarte tekening ligt doorgaans verspreid over het lichaam, waardoor de basiskleur duidelijk zichtbaar blijft.
Asagi
Patroon / kleuren: Blauwgrijze rug met een netvormig schubpatroon en vaak rood of oranje langs de flanken.
De Asagi valt vooral op door het regelmatige schubpatroon op de rug. De omlijning van de schubben zorgt voor een netvormige tekening die van bovenaf goed zichtbaar is. Het rood of oranje langs de zijkanten kan ook terugkomen bij de wangen en de aanzet van de vinnen.
Shusui
Patroon / kleuren: Lichtblauwe tot witachtige huid, rode of oranje tekening en een rij donkere schubben langs de rug.
De Shusui herken je aan het grotendeels schubloze lichaam met opvallende rugschubben. Deze koi is de Doitsu-variant van de Asagi. Door het ontbreken van een volledig schubbenkleed zijn de huidkleur en de rode patronen goed zichtbaar. De grote schubben langs de rug vormen een duidelijk herkenningspunt.
Ogon
Patroon / kleuren: Eén egale kleur met metaalglans, bijvoorbeeld goudgeel of zilverwit.
De Ogon valt op door de metaalachtige glans over het lichaam en de vinnen. Grote kleurvlakken of vlekken ontbreken, waardoor vooral de gelijkmatigheid van de kleur en de lichaamsbouw opvallen. Bekende voorbeelden zijn de goudgele Yamabuki Ogon en de zilverwitte Platinum Ogon.
Chagoi
Patroon / kleuren: Effen bruin in verschillende tinten, zonder metaalglans.
De Chagoi heeft een rustige uitstraling door zijn gelijkmatige bruine kleur. De tint kan variëren van lichtbruin tot donkerder thee- of olijfbruin. Omdat grote kleurpatronen ontbreken, komen de lichaamsbouw en de tekening van de schubben duidelijk naar voren.
Soragoi
Patroon / kleuren: Effen grijs tot blauwgrijs, zonder metaalglans.
De Soragoi herken je aan zijn gelijkmatige grijze of blauwgrijze kleur. Hij lijkt qua uitstraling op de Chagoi, maar heeft een koelere kleurtint. Het schubpatroon kan als een fijn netwerk zichtbaar zijn, waardoor ook deze eenkleurige koi van dichtbij veel detail laat zien.
Ochiba Shigure
Patroon / kleuren: Grijze tot blauwgrijze basiskleur met bruine patronen.
De Ochiba Shigure valt op door de combinatie van een grijze ondergrond en bruine vlakken. Die tekening doet denken aan herfstbladeren op water. De naam wordt vaak afgekort tot Ochiba. De vorm en verdeling van de bruine patronen verschillen per vis en bepalen voor een groot deel de uitstraling.
Goshiki
Patroon / kleuren: Rode patronen op een ondergrond met grijze, blauwe en donkere schubtekening.
De Goshiki herken je aan het contrast tussen de rode vlakken en de getekende ondergrond. Bij sommige exemplaren is de basis licht, terwijl andere veel donkerder ogen. Daardoor kan het rood sterk naar voren komen. De combinatie van kleurvlakken en schubtekening maakt deze variëteit bijzonder om van dichtbij te bekijken.
Wat betekenen Doitsu, Ginrin en Tancho?
Doitsu, Ginrin en Tancho beschrijven kenmerken die bij verschillende koivariëteiten kunnen voorkomen. Daarom zie je deze woorden vaak samen met een andere naam. Ze vertellen iets over de beschubbing, schittering of plaats van het rode patroon.
Doitsu: weinig of geen schubben
Doitsu betekent dat een koi grotendeels schubloos is of slechts op bepaalde plaatsen grote schubben heeft. Er kunnen bijvoorbeeld schubben langs de rug en flanken voorkomen. Bij een Doitsu Kohaku blijft het wit-rode kleurpatroon herkenbaar, maar is de beschubbing anders.
Ginrin: glinsterende schubben
Ginrin verwijst naar schubben die het licht opvallend weerkaatsen. Daardoor lijkt een deel van de vis te fonkelen. Een Ginrin Kohaku heeft dus hetzelfde kleurpatroon als een Kohaku, aangevuld met glinsterende schubben. Ginrin is iets anders dan metaalglans. Bij Ginrin zit de opvallende schittering in de schubben; bij een metallic koi, zoals een Ogon, is de metaalachtige glans ook over de huid en vinnen zichtbaar.
Tancho: rood op de kop, zonder rood op het lichaam
Welke koi past bij jouw vijver?
Kies uit duizenden koi bij Dani Koi
Bij Dani Koi vind je een enorme voorraad Japanse koi met duizenden vissen in verschillende kleuren, patronen en formaten. Kom langs in onze winkel en bekijk van dichtbij welke koi jou het meest aanspreken. We nemen graag de tijd om je de verschillen te laten zien en je te adviseren bij je keuze. Of je nu je eerste koi zoekt of je vijver wilt uitbreiden: je bent van harte welkom bij Dani Koi.
Veelgestelde vragen
Kunnen verschillende soorten koi samen in één vijver?
Ja, verschillende koivariëteiten kunnen zonder problemen samen in één vijver leven. Een Kohaku, Showa, Chagoi en Ogon hebben in principe dezelfde verzorgingsbehoeften. Het belangrijkste is dat de vijver voldoende ruimte biedt, de waterkwaliteit goed is en de vissen gezond zijn.
Kunnen koi van kleur veranderen naarmate ze ouder worden?
Ja, de kleuren en patronen van koi kunnen tijdens hun leven veranderen. Vooral bij jonge koi kunnen rode en zwarte patronen zich nog verder ontwikkelen. Erfelijke eigenschappen, voeding, waterkwaliteit en leeftijd spelen hierbij een rol. Hierdoor kan een koi er na enkele jaren anders uitzien dan bij aankoop.
Welke koisoorten zijn het meest geschikt voor beginners?
Voor beginners zijn Chagoi, Soragoi en Ogon vaak interessante keuzes. Chagoi en Soragoi staan bekend om hun rustige karakter en kunnen relatief gemakkelijk handtam worden. Ogon zijn dankzij hun egale kleur goed herkenbaar in de vijver. De verzorging verschilt echter nauwelijks per variëteit. Een gezonde koi en een goed onderhouden vijver zijn belangrijker dan de soort die je kiest.























